Serviërs Eisen Excuses Srebrenica
De tien Bosnische Serviërs eisen binnenkort erkenning dat Dutchbat niks deed om Servisch leed te stoppen in en rond de enclave. Dat zegt hun woordvoerder Stephen Karganovic. Ik ontmoette hem kort geleden in Brussel: ‘Toen Nederland in 1994 troepen onder de vlag van de Verenigde Naties naar de enclave stuurde, accepteerde ze de afspraak dat strijdgroepen zouden worden ontwapenend en de bevolking beschermd.’ Dat gebeurde niet, met gevolg dat moslimstrijders alleen al in 1995 zo’n veertig aanvallen uitvoerden op Serviërs, stelt de 60-jarige Amerikaanse jurist met Servisch-Russische ouders die samen met de Amsterdamse advocaat Mariëlle van Essen de zaak aanhangig maakt. In totaal zouden in de ruim zestien maanden die Dutchbat in Srebrenica doorbracht minimaal honderd Serviërs zijn omgebracht door moslimstrijders en tientallen dorpen in de omgeving zijn aangevallen. Ook werden nagenoeg alle Serviërs uit de enclave verjaagd. Uiteraard vroeg of hij daarmee het doden van de moslims daarmee wil vergoelijken. Karganovic: ‘We ontkennen niet het lijden van andere mensen, maar wij willen ook erkenning.’
De eerste eis is openlijke verontschuldigingen van de Nederlandse regering. ‘Dat is een eervolle manier om het verloren imago van Nederland te corrigeren.’ Dat excuses het indienen van schadeclaims door nabestaanden en slachtoffers mogelijk maken, wordt niet ontkend. Zesduizend moslimnabestaanden, de ‘moeders van Srebrenica’ verlangen in een rechtszaak die al jaren sleept miljarden euro’s. Mocht de staat het Servische verzoek negeren, dan volgt eveneens een rechtszaak die niet bij voorbaat kansloos is. Een arrest van het Haagse gerechtshof stelde afgelopen juli de Nederlandse staat verantwoordelijk voor de dood van drie moslimmannen in 1995 die door Dutchbat van de legerbasis Potocari waren gestuurd, regelrecht in de handen van de Servische troepen.
Aan de andere kant werd moslimleider Naser Oric in hoger beroep vrijgesproken voor het niet verhinderen van oorlogsmisdaden door ondergeschikten in de omgeving van Srebrenica. Volgens Karganovic onterecht omdat de aanvallen doorgingen tot twee weken voor de val van Srebrenica: ‘Op 26 juni 1995 werd het Servische dorp Visnjica aangevallen, waarbij vier doden vielen.’
Op het ministerie van Defensie is eind oktober de nieuwe Servische eis voor schuldbekentenis nog niet bekend. ‘We weten nog van niks.’
Mijn mening is de volgende: Ik vind dat beide partijen het recht hebben op een rechtszaak, omdat dit de meest duidelijke waarheidsvinding inhoudt. Wat is precies gebeurd?! Ik wil het ook weten omdat ik er zelf gedurende oorlog vaak over heb bericht. Nederland droeg verantwoording in die jaren en dan moet het land niet weglopen als daar op wordt gewezen. De les die we hopelijk leren is dat we geen militaire avonturen moeten beginnen omdat domme politici het niet netjes aan de conferentietafel kunnen oplossen, Den Haag zo nodig moet scoren zonder zich goed te hebben voorbereid, parlementsleden niks weten van oorlog voeren of omdat kortzichtige economische belangen in de ogen van een kabinet even voorrang hebben.
De foto uit de gemeente Bozici werd me gegeven door Stephen Karganovic. Ik vroeg hem een foto van een verwoest Servisch huis. Het verhaal stond eerder in De Pers.