Rot land
Wat voor land is Nederland, vraag ik me af, als ik de aandacht volg voor wat inmiddels de ‘Anne Frankboom’ heet, een kastanje in de Amsterdamse binnenstad. Neerlands bekendste onderduikster keek vanuit het Achterhuis erop neer en beschreef de bladerenpracht in haar dagboek.
Wel nu, dat er sentiment kleeft aan de oude bast neem ik graag aan. En van mij hoeft de boom ook niet gekapt. Maar ik krijg een vieze smaak in mijn mond als ik de overdreven belangstelling zie van kranten, actualiteitenrubrieken en zelfs het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie.
Want, waarom nauwelijks interesse voor de voortvluchtige SS-er Klaas-Carel Faber? Deze landverrader nam deel aan tientallen executies en woont kwiek en onbekommerd in Duitsland. De familie van een van zijn slachtoffers zwengelt een nieuw proces aan wegens moord. Maar op één artikel in het AD na blijft het stil. Niks geen publieke verontwaardiging of Nederlandse rechters die zich er tegen aan bemoeien.
Kijk, dat is mijn punt. Waarom zoveel heisa om een boom terwijl de andere kant wordt opgekeken als het de lieden betreft die onze Anne er ooit bij wegsleepten? Wat is er nou rot?