Kouw & Knauw


‘Mr. Gus’ Kouwenhoven is door het Hof in Den Haag gisteren vrijgesproken van de ontduiking van een VN-wapenembargo en het medeplegen van oorlogsmisdaden in Liberia tussen 2001 en 2003. Zittend op de eerste rij hoorde ik het vonnis met groeiende verbazing aan. Ooit, in 2005, sprak ik Guus Kouwenhoven als eerste over de verdenkingen van ruime hulp aan de toenmalige president Charles Taylor die verwikkeld was in een strijd met rebellen uit het naburige Guinee. Guus, strak pak-gouden brilmontuur, ontkende zijn aandeel in de oorlogsvoorbereidingen, de smokkel van wapens via zijn haven Buchanan (zie foto), en de oorlogshandelingen, het sturen van zijn mannen naar het front waar duizenden onschuldige burgers in het strijdgewoel zijn omgebracht. Een half jaar later werd Kouwenhoven gearresteerd en in eerste aanleg veroordeeld tot acht jaar voor de wapensmokkel. Gisteren liep de ‘ Godfather van Liberia’ als vrij man de rechtszaal uit. “Ik ben blij dat de waarheid naar boven is gekomen,” zei hij tegen mij. Zelf vind ik dat er wel recht is gesproken maar geen recht is gedaan. Kouwenhoven was door zijn zakenbelangen met president Taylor (bijvoorbeeld: vijftig procent van de opbrengst van de houtkap van mr. Gus eiste hij op) in mijn ogen medeverantwoordelijk voor de ellende. Hij was de kurk waarop het regime deels dreef. Maar ik erken de rechtstaat. Het Openbaar Ministerie heeft bewijsmateriaal aangeleverd wat ‘berust op drijfzand’, volgens de voorzitter van het Hof. Ik ben een goede verliezer dus ik feliciteerde Kouwenhoven in de hal. Wel met de opmerking dat ik niet blij was met het vonnis. Hij reageerde met de opmerking dat ik geen goede journalist ben. Ik neem de opmerking ter harte. Ik bied mijn excuses aan Kouwenhoven aan als hij zich door mij onheus bejegend voelt. Eveneens excuses aan mijn lezers omdat ik niet het harde bewijs op tafel heb gelegd om het Hof wel te overtuigen. Zelf zal ik niet meer over Guus Kouwenhoven schrijven (ik heb een hekel aan bashen) zolang ik geen overtuigend bewijs kan leveren over zijn aandeel in de oorlog.