Het Nederlandse Vingertje

e laatste dagen grijns ik vals. U weet wel: Zo’n onsymmetrische bananenlach in een licht schuddend hoofd. Van rechts naar links en weer terug. Want wat ik hoor, daar kan ík met mijn verstand niet bij.
Voor de goede orde, het gaat niet om zaken die ik momenteel meemaak op reportage in Afghanistan. (Die details leest u binnenkort) Nee, het gaat om wat ik via de radio hoor uit het verre Nederland. Zo zendt de omroep Llink het programma ‘Nieuwsllink’ uit over Nederlandse journalisten die in verre landen collega’s vragen hoe onafhankelijk zij kunnen werken. Heb thuis al eerder een aflevering gezien waarin presentator Roelof Hemmen een Turkse tv-zender bezocht. Vandaag gaat het over persvrijheid in Azerbeidzjan. An sich juich ik dergelijke programma’s toe. An sich.

Vrije journalistiek is een belangrijke peiler voor democratie, vrede en welvaart. Dat verdient alle steun. Het Llink programma is goed gemaakt en ik vind de omroep een aanwinst. Toch stoort mij iets. Misschien kan Llink daar zelf niets aan doen en wordt het mij gewoon allemaal te veel. Momenteel worden in tal van programma’s, journaals en krantenartikelen landen de maat genomen inzake hun persvrijheid. In China deugt er niets van toont programmamaker Paul Rosenmöller. Hij werd aangehouden door de politie. En ook de Russen draaien in hun oorlog met Georgië de mediaschroeven stevig aan. Zo keek correspondent Peter d’Hamacourt serieus boos toen hij bij Eenvandaag opsomde wat de tv-kijker in Moskou allemaal wordt onthouden. Om over Afrika en het Midden-Oosten maar te zwijgen. Het is allemaal waar. En het is allemaal een schande. En het is goed dat het wordt vermeld. Maar toch irriteert mij dat verwijtende vingertje.

Want ook Nederlandse journalisten mogen (of willen) de waarheid over wat zich precies afspeelt in de provincie Uruzgan, waar Nederlandse militairen zijn gelegerd, niet vertellen. Wie verhaalt over onnodige bombardementen op burgerdoelen wordt gecensureerd. Wie zijn rug recht houdt, wordt verder werken door intimidatie onmogelijk gemaakt. Of die journalist wordt het slachtoffer van een misselijkmakende lastercampagne. Precies zoals in Turkije, China, Rusland en noem maar op. Alleen wordt de Nederlandse situatie niet aan de kaak gesteld.
Misschien moet ‘Nieuwsllink’, als aanvulling, de vinger eens wijzen op de vaderlandse journalistiek. Anders moet een dictatoriaal land maar eens een kritische journalist naar een Nederlandse redactie sturen. Om flink terug te schoppen. Kunnen we eens echt lachen.

Geen foto want ik ben onderweg.